Oefenen met string methodes

Sign in to test your solution.
bericht = input() #Vraag A: #Zorg dat in de variabele antwoord_A het aantal smileys bevat dat voorkomt in het bericht. #De enige soort smiley die in een bericht voor kan komen is :) #Voorbeeld van een bericht: "Hey :) Ik vond het erg gezellig gister :):) Binnekort een drankje doen?:) " antwoord_A = #... #Vraag B: #Doe hetzelfde voor antwoord B. #Dit keer kunnen er twee soorten smileys voorkomen in het bericht: :) en ;) #Voorbeeld van een bericht: "Hey :) Ik vond het erg gezellig gister ;);) Binnekort een drankje doen?:) " antwoord_B = #... # Vraag C: # Zorg dat de variabele antwoord_C de gebruikersinput bevat, maar dan geheel IN HOOFDLETTERS. gebruikersinput = input() antwoord_C = #... # Vraag D: # Zorg dat de variabele antwoord_D een string bevat met daarin alle namen in de leerlingenlijst. # De namen moeten gescheiden worden door een enter. # In de paragraaf "Stings over meerdere regels" wordt uitgelegd hoe je een enter in een # string weergeeft. Daar wordt een enter een "newline" genoemd. leerlingenlijst = ["Diana", "Erika", "Moos", "Jip", "Vince", "Kaya"] antwoord_D = #... # Vraag E: # Nu doe je ongeveer het tegenovergestelde. De input die in alle_namen wordt bewaard is een string # met alle namen van leerlingen, gescheiden met komma's EN spaties (bijv. "Viola, Olaf, Maartje, Ibrahim"). # zorg dat in de variabele antwoord_E een lijst komt te staan waarin ieder item een naam is (zonder spaties of kommas). alle_namen = input() antwoord_E = #... # Vraag F: # De docent heeft een mail naar de ouders van Finn gestuurd om een afspraak te maken voor # een oudergesprek. Hij wil ook een oudergesprek plannen met de ouders van Jade en wil daarvoor # de zelfde mail gebruiken, maar dan moet hij natuurlijk wel de naam Finn vervangen door Jade. # Ook moeten de woorden "hij" en "hem" vervangen worden door "zij" en "haar". # Deze docent geeft de tekst van de mail als input aan de code hieronder. Zorg ervoor dat # de variabele antwoord_F de mail aan de ouders van Jade bevat. # # Je mag ervanuit gaan dat namen in beide mails altijd met een hoofdletter beginnen en dat de woorden # hij, hem, zij en haar nooit een hoofdletter hebben. berichtje = input() antwoord_F = #... # Vraag G: # Schrijf achter de variabele antwoord_G de tekst uit die uiteindelijk in de variabele tekst komt te staan. # Je moet dit echt uitschrijven het antwoord "antwoord_G=tekst" wordt door het automatisch nakijken niet fout # gerekend, maar is dat wel, net als het kopieƫren van de hele f-string. naam = "Martijn" lengte_naam = len(naam) letter1 = naam[0] letter_laatst = naam[-1] tekst = f"{naam} is een mooie naam van {lengte_naam} letters. De eerste letter is {letter1} en de laatste is {letter_laatst}." antwoord_G = "" # Deze code is voor het automatisch nakijken. NIET VERANDEREN: print("Vraag A:", antwoord_A) print("Vraag B:", antwoord_B) print("Vraag C:", antwoord_C) print("Vraag D:\n" + antwoord_D) print("Vraag E:", antwoord_E) print("Vraag F:", antwoord_F) print("Vraag G:", antwoord_G)