Correct the given solution (for 01)

Sign in to test your solution.
# we geven het getal in als string! Op die manier kunnen we met een for door het getal lopen # opgelet: de komma is eigenlijk een punt! getal = input(Geef een decimaal getal in: ) plaatskomma = -1 # plaats van de komma in het getal index = 1 # volgnummer van het karakter in de for-doorloop, we beginnen bij het eerste karakter for karakter in getal: if karakter == ",": # komma gevonden: plaatskomma vullen met een positieve waarde en for afbreken plaatskomma = index break index = index + 1 if plaatskomma == -1: # geen komma gevonden print ("-") else: print getal[plaatskomma + 1]