Skip to main content
Python exercise

bibliotheek

Sign in to hand in your solution and get feedback.

# invoer student = input("student (ja/nee): ") dagen = int(input("dagen te laat: ")) premium = input("premium-lid (ja/nee): ") # berekeningen # uitvoer print(f"T: {dagen} dagen | Premium: {premium} | Student: {student} | B: € {boete:.2f}")